De Millingerwaard

Het plonzen van mijn peddel was het enige hoorbare geluid. Verder hing er een vreemde stilte. Ik dreef met mijn kano langs een boomkruin. Ik herkende deze wilg. Een maand eerder had ik nog onder haar takken doorgelopen. Nu stak alleen nog het topje van de boom boven het water uit, de takken leken naar boven te grijpen als een drenkeling die urenlang gesparteld had, maar nu opgaf. Ik peddelde verder. Een dijk was geheel onder water verdwenen. Ik kon de contouren ervan door het bruine soepwater heen zien. Enkele kreupelbosjes op de dijk staken echter nog net boven het water uit. Drijfhout had zich er omheen verzameld. Dichter naar de bosjes toe gedreven, bereikten zachte piepgeluidjes mijn oor. Met verbazing tuurde ik naar de takkenmassa en zag toen een klein, grijs en snoezig harig diertje van de ene drijvende tak naar de andere springen. Soms sprong het mis, waarbij de ongelukkige in het water belandde, een paar felle zwemslagen maakte en dan weer op een ander stuk drijfhout kroop – het was een bosmuis. Ze schudde het water van haar lijfje en keek versuft rond. Ik zag dat de muis vanwege de stress zich niet normaal gedroeg. De bosmuis leek in shock.┬áZe rende en sprong radeloos in het rond waarbij ze geen enkel oog had voor mij in de kano. Haar habitat was veranderd van een grasland met veel veilige holletjes naar een kilometerbrede, genadeloze rivier.

Het verhaal van het 25 jarig bestaan van de Millingerwaard, gepubliceerd in National Geographic Magazine NL.